• Ondernemer
  • Netwerk
  • AgriTech

Rob Dortmans van Zalmboerderij Maashorst

Hij is de eerste in Nederland die zalm op land kweekt en wereldwijd koploper in zalmkweek in een gesloten zoetwatersysteem. Daarmee trekt Rob Dortmans van Zalmboerderij Maashorst in Uden internationaal de aandacht. In 2014 startte hij onder de radar bij zijn ouders in de garage. Intussen werd op de plek van een voormalige varkenshouderij een compleet nieuw complex gebouwd met buiten achttien gekoelde zoetwaterbassins. Pas in april dit jaar trad de zalmkwekerij echt naar buiten. “Je moet eerst leren lopen voordat je kunt gaan rennen”, zegt Rob.

Op een van de laatste zomerse dagen van dit jaar baadt Zalmboerderij Maashorst in het buitengebied van Uden in het felle zonlicht. Hier, op deze locatie, komen verschillende maatschappelijke opgaven samen: van de landbouw- en voedseltransitie tot circulariteit, slim water- en energiegebruik en korte ketens. Het water in de bassins glinstert in de zon, terwijl duizenden zalmen onder het oppervlak hun rondjes zwemmen. Geen dichte fabriekshal, maar vissen in de buitenlucht, omringd door groen. “Als de zon schijnt, merken ze dat”, zegt Rob. “Als het regent of onweert ook. Die natuurlijke omstandigheden verrijken hun leefomgeving.” 

 

Stap voor stap

Dat was precies wat hij voor ogen had toen hij zijn eerste plannen voor de zalmboerderij op papier zette. Na zijn studie Dierwetenschappen in Wageningen specialiseerde hij zich in aquacultuur en ondernemerschap. “Ik kwam erachter dat er wereldwijd meer vis gekweekt wordt dan rundvlees geproduceerd. Dat triggerde mij. Als jongen viste ik veel en bouwde ik vijvers; ik was dus altijd al bezig met vis en techniek. Dat ik mijn eigen bedrijf wilde startte, was wel duidelijk. En ook dat het een zalmkwekerij moest worden. Alle zalm die we in Nederland eten wordt geïmporteerd en ik dacht: dat moet anders. Bovendien hoef je niemand uit te leggen wat zalm is.”

 

‘We zijn eerst op kleine schaal begonnen en hebben alles heel goed uitgedokterd’

 

Risicovol

De zalmkweek zoals Rob die in gedachte had, was compleet nieuw en daarmee behoorlijk risicovol. Daarom besloot hij de kwekerij stap voor stap op te bouwen, samen met zijn vrouw en ouders die deel uitmaken van het familiebedrijf. “Ik wilde eerst zeker weten dat onze innovatieve kweekmethode ook echt werkte, voordat we naar buiten zouden treden”, vertelt hij. “We zijn daarom eerst op kleine schaal begonnen en hebben alles heel goed uitgedokterd. Twee jaar geleden hadden we de eerste zalm volledig op gewicht gekweekt en bleek de kwaliteit boven verwachting. Dat was voor ons het moment om het product op de markt te gaan brengen.”

 

Wachtlijst

Voor deze stap wilde Rob € 0,5 miljoen ophalen via Broccoli, een Brabants investeringsplatform ter ondersteuning van duurzame bedrijven. Het bedrag was voor het opzetten van de distributieketen en de verwerkingsruimte, en de inrichting van de winkel. In ruim een week sloeg de teller door naar € 1,5 miljoen. “Ineens hadden we 309 mede-eigenaren, vanuit heel Nederland tot halverwege België”, lacht Rob. “Daar zitten particulieren tussen, maar ook restauranteigenaren die zo vanzelf onze ambassadeurs werden. Al snel verkochten we 80% van de zalm rechtstreeks aan onze klanten, van Michelin-sterrenzaken tot streekrestaurants. Inmiddels is dat 100% en hebben we een wachtlijst voor nieuwe zakelijke klanten. Om te kunnen doorgroeien naar de volledige capaciteit van 160.000 kilo per jaar, zijn we een nieuwe sharefunding-campagne gestart. Die loopt tot en met oktober.” 

 

Duurzame kweek

De kweek van de Atlantische zalm is volledig duurzaam. De zalmeitjes uit IJsland worden binnen opgekweekt in water van maximaal 12 graden. Met speciale verlichting wordt het winterse licht nagebootst om de natuurlijke ontwikkeling van de jonge zalm op gang te brengen. Als de vissen ongeveer 100 gram wegen, gaan ze naar de buitenbassins. Na ongeveer twee jaar zwemmen de volgroeide zalmen via zwemkanalen naar de verwerkingsruimte. Daar worden ze één voor één uit het water gehaald en volgens de Japanse ikejime-methode bedwelmd, om stress zoveel mogelijk te beperken. Vervolgens wordt de zalm ter plekke verwerkt. Tijdens het kweekproces wordt het water continu gefilterd en opnieuw gebruikt. “Hiervoor hebben we onze eigen waterzuivering ontwikkeld via biologische filtratie”, legt Rob uit. “Daardoor hoeven we geen antibiotica of chemicaliën te gebruiken.”

 

‘Het gat tussen de maatschappij en de voedselproductie is steeds groter geworden’

 

 

Beleving

Door technologie, circulariteit en innovatief ondernemerschap te combineren slaagde Rob erin om een compleet nieuwe vorm van voedselproductie te realiseren. Wat volgens hem meespeelt in het succes van de Zalmboerderij is dat beleving er een belangrijke rol speelt. “Het gat tussen de maatschappij en de voedselproductie is de afgelopen decennia steeds groter geworden. Mensen weten steeds minder goed waar hun voedsel vandaan komt. Als we voedselproductie in Nederland willen behouden, moeten we die verbinding herstellen. Daarom vind ik het ook zo mooi dat we zoveel mede-eigenaren hebben. Ze voelen zich betrokken bij het bedrijf en dragen het verhaal ook uit. Misschien ligt daar wel voor een deel de toekomst van de agrarische sector: het samen doen in plaats van ieder voor zich.”

 

Food100

Zijn plek in de Food100-lijst van 2026 voor voedselveranderaars – waarvan AgriFood Capital partner is – ziet Rob als erkenning voor het werk van de afgelopen jaren. “We zijn vanuit onze eigen overtuiging begonnen, omdat we vonden dat de productie van zalm anders moest. Veel mensen zeiden dat het niet kon en niet zou lukken. Als ik daarnaar had geluisterd, was deze zalmboerderij er nooit gekomen.”

Op termijn wil Rob het concept van de Zalmboerderij uitrollen. “We hebben hier het neusje van de zalm ontwikkeld. Hoe tof zou het zijn als we het concept, of onderdelen daarvan, breder kunnen toepassen? Om te beginnen in het voedselsysteem in Noordoost-Brabant. Als spin in het web zou AgriFood Capital daarin een mooie rol kunnen spelen.”

 

Robs tip

“Als je een goed plan hebt dat bijdraagt aan duurzaamheid en de maatschappij én economisch haalbaar is, zoek dan mensen die je kunnen helpen om het te realiseren. Het belangrijkste is dat je gelooft in je plan en je niet laat ontmoedigen.”

 

 

 

"We hebben hier het neusje van de zalm ontwikkeld"

Delen